Platformwerk en arbeidsovereenkomst: de conclusie van A-G De Bock in de zaak Helpling/FNV c.s.

Waren de schoonmakers bij het (inmiddels failliet verklaarde) platform Helpling werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst of uitzendovereenkomst met Helpling, of op basis van een arbeidsovereenkomst met de huishoudens? Kan een particulier huishouden kwalificeren als inlener (“derde”) in de zin van art. 7:690 BW? Hoe moet in platformverhoudingen invulling worden gegeven aan het element “in dienst van” (gezagscriterium)?



Jurisprudentie

Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2024, ECLI:NL:PHR:2024:730