Hoge Raad 22 februari 2022

ECLI:NL:HR:2022:289

Datum: 22-02-2022

Onderwerp(en): Annotatie: Hoge Raad 22 februari 2022 | Medeplegen

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Medeplegen diefstal met geweld, art. 312.2.2 Sr. Bewijsklacht medeplegen. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2014:3474, HR:2015:718 en HR:2016:1316 m.b.t. medeplegen en i.h.b. de afbakening tussen medeplegen en medeplichtigheid. Hof heeft vastgesteld dat verdachte, na telefonisch contact te hebben gehad met A, met medeverdachten A en B in 2 auto’s gezamenlijk naar Gouda is gereden, dat verdachte daar in de nabijheid van de overval in een auto heeft rondgereden terwijl A en B de aangever van zijn telefoon en autosleutel beroofden, en dat verdachte vervolgens als bestuurder van deze auto heeft opgetreden toen daarmee A en B met de gestolen goederen weer zijn weggereden. Hof heeft verder vastgesteld dat verdachte niet een van de 2 overvallers was. In aanmerking genomen dat vastgestelde gedragingen van verdachte doorgaans met medeplichtigheid in verband worden gebracht, behoefde ‘s hofs oordeel dat verdachte medepleger van overval is geweest nadere motivering. De in dat verband door hof genoemde omstandigheden dat verklaringen van verdachte niet overeenstemmen met b.m. en dat verdachte geen duidelijkheid heeft verschaft over zijn rol, zijn daartoe in dit geval onvoldoende.

Volgt vernietiging en terugwijzing.

Spreker(s)

mr.-Rob-ter-Haar.jpg
mr. Rob Ter Haar

plaatsvervangend rechter Rechtbank Overijssel, docent Universiteit Utrecht

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: