Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 12 maart 2024 Bekijk alles
ECLI:NL:HR:2016:678 Hoge Raad 19 april 2016

ECLI:NL:HR:2016:678

Datum: 19-04-2016

Onderwerp: ECLI:NL:HR:2022:44

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Vindplaats: Avdr.nl


Bewijsklacht dat de verdachte ten tijde van het voorhanden krijgen van een personenauto wist dat deze een door misdrijf verkregen goed betrof. Opzetheling ex art. 416.1.a Sr. Het oordeel van het hof, dat het niet anders kan dan dat de verdachte op het moment van het voorhanden krijgen van de auto "wist" dat de Audi van misdrijf afkomstig was, is niet onbegrijpelijk gelet op vaststelling van het hof dat (i) de verdachte (als bestuurder van de Audi) en zijn medeverdachte met zeer hoge snelheid wegreden toen de politie hen in een opvallend surveillancevoertuig naderde, (ii) op de vloer achter de rugleuning van de bestuurdersstoel een "jammer" is aangetroffen en dat een "jammer" ervoor zorgt dat alle radiosignalen in een bepaalde straal rondom het apparaat verstoord worden waardoor ook anti-autodiefstalsystemen niet meer functioneren, (iii) het dashboard, het dashboardkastje en het open dak van de auto beschadigd waren, en (iv) in aanmerking genomen dat verdachte geen enkele verklaring voor een en ander heeft gegeven. CAG: anders. Samenhang met 15/01747 en 15/01749.

Ga naar uitspraak
Spreker(s)

mr. Rob ter Haar

plaatsvervangend rechter Rechtbank Overijssel docent Universiteit Utrecht