Centrale Raad van Beroep 24 oktober 2018

ECLI:NL:CRVB:2018:3348

Datum: 24-10-2018

Onderwerp(en): Overzicht uitspraken: Maatwerkvoorziening

Rechtsgebiedenregister: Sociaal-zekerheidsrecht

Maatwerkvoorziening. Afwijzing verzoek voortzetting van de indicatie in de vorm van pgb. De beroepsgrond van appellante, zoals de Raad deze begrijpt, dat de zorg die haar ouders haar bieden niet kan worden aangemerkt als mantelzorg slaagt. Zoals de Raad eerder heeft overwogen (zie de uitspraken van 11 januari 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:17 en 24 januari 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:368) kan niet worden gesproken van mantelzorg als de zorg niet onbetaald vrijwillig geschiedt. De ouders van appellante hebben te kennen gegeven de zorg niet vrijwillig te verlenen, maar hiervoor een betaling te verlangen. Daarom is geen sprake van mantelzorg. Dit betekent dat het college ten onrechte aan het bestreden besluit ten grondslag heeft gelegd dat appellante de problemen die zij ondervindt bij zelfredzaamheid en participatie zelf kan verminderen of wegnemen door een beroep te doen op mantelzorg door haar ouders en dat zij daarom niet in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening. Hierbij is van belang dat niet in geschil is dat, voor zover al sprake is van gebruikelijke zorg door de ouders, deze in ieder geval niet aan de gehele hulpvraag van appellante tegemoet komt.

Spreker(s)

mr-Erik-Klein-Egelink-D01.jpg
mr. Erik Klein Egelink

senior rechter Rechtbank Gelderland

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: