ECLI:NL:GHARL:2017:3035

Rechtbank:Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum: 06-04-2017

Rechtsgebiedenregister: Personen- en familierecht

Vindplaats: Extern


Inhoudsindicatie:

Hoger beroep tegen de echtscheiding, omdat partijen zich hebben verzoend. Kan niet. Wenk hof: inschrijvingstermijn ongebruikt laten verlopen.


Uitspraak:

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.210.316/01
(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland C/16/423518 / FL RK 16-1923)

beschikking van de familiekamer van 6 april 2017

inzake

[verzoekster]
,
wonende te [A] ,
verzoekster in hoger beroep,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. P. Veenhoven te Amsterdam,

en

[verweerder] ,

wonende te [A] ,
verweerder in hoger beroep,
hierna te noemen: de man,
geen advocaat gesteld.

1Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Lelystad, van 21 december 2016, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.

2Het geding in hoger beroep

2.1
Bij beroepschrift, ingekomen ter griffie van het hof op 22 februari 2017, is de vrouw in hoger beroep gekomen van voormelde beschikking. Zij verzoekt het hof die beschikking te vernietigen omdat partijen zich verzoend hebben.

2.2
Voorts is ter griffie van het hof binnengekomen een journaalbericht van 27 maart 2017 van mr. Veenhoven met als bijlage onder meer een referteverklaring van de man.

2.3
In genoemde referteverklaring, die gecertificeerd is door mr. Veenhoven, is tevens verzocht - naar het hof begrijpt - om het afgeven van een beschikking, zodat het hof er van uitgaat dat op een mondelinge behandeling van het beroepschrift geen prijs wordt gesteld.

3De motivering van de beslissing

3.1
De rechtbank heeft bij de beschikking waartegen appel op verzoek van de vrouw de ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed uitgesproken.

3.2
De vrouw heeft daarmee gekregen wat zij had verzocht en kan daartegen volgens vaste jurisprudentie niet in hoger beroep opkomen. De referteverklaring van de man maakt dat niet anders.

3.3
Partijen kunnen de inschrijvingstermijn van de beschikking waartegen beroep ongebruikt laten verlopen, waardoor die beschikking zijn kracht verliest en zij bereiken wat zij thans in hoger beroep niet kunnen bereiken.

3.4
Het vorenstaande brengt met zich dat het verzoek in hoger beroep moet worden afgewezen.

4De beslissing

Het gerechtshof:

wijst het verzoek in hoger beroep af.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.D.S.L. Bosch, mr. G.M. van der Meer en mr. I.M. Dölle, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit hof van 6 april 2017 in bijzijn van de griffier.