Hoge Raad 2 februari 2024 Hoge Raad 8 december 2023 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 30 november 2023 Rechtbank Noord-Nederland 24 november 2023 Hoge Raad 17 november 2023 Bekijk alles
ECLI:NL:GHDHA:2020:1364 Gerechtshof Den Haag 8 april 2020

ECLI:NL:GHDHA:2020:1364

Datum: 08-04-2020

Onderwerp: De rekening - courant in het huwelijksvermogensrecht

Rechtsgebiedenregister: Personen- en familierecht

Vindplaats: Avdr.nl

Door de man is aangetoond dat partijen een geldlening zijn aangegaan bij de BV voor de financiering van de eigenwoning. De vrouw is voor de helft draagplichtig met betrekking tot die schuld, naast de schuld aan de bank van ruim € 2.000.000,00. De verdeling van de onderwaarde van de woning. De man heeft een rekening-courantschuld bij zijn eigen BV van € 3.148.603,00. De vrouw weet niet hoe die is ontstaan. De vrouw is voor een bedrag van€ 500.000,00 draagplichtig met betrekking tot deze rekening-courantschuld. Het hof acht het niet redelijk en billijk dat de man alleen de rekening-courantschuld moet dragen nu deze schuld is ontstaan door het uitgavenpatroon van beide partijen.

Ga naar uitspraak
Spreker(s)

prof. mr. Freek Schols

hoogleraar Radboud Universiteit privaatrecht, in het bijzonder notarieel recht