ECLI:NL:GHSHE:2014:5130
Rechtbank:Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum: 04-12-2014
Onderwerp: Een uitspraak inzake 4:25 lid 4
Rechtsgebiedenregister: Erfrecht
Vindplaats: Extern
Inhoudsindicatie:
Ingevolge artikel 676a Rv geen hoger beroep mogelijk tegen een beschikking op grond van artikel 4:25 lid 4 BW. Intrekking ter zitting.
Uitspraak:
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
Uitspraak : 4 december 2014
Zaaknummer : HV 200.156.671/01
Zaaknummer eerste aanleg : 2990026 OV VERZ 14-2946
in de zaak in hoger beroep van:
[appellant],
wonende te [woonplaats],
appellant,
hierna te noemen: [appellant],
advocaat: mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren,
tegen
[geïntimeerde 1],
wonende te [woonplaats],
en
[geïntimeerde 2],
wonende te [woonplaats],
geïntimeerden,
hierna te noemen: broer en zus [geïntimeerden],
advocaat: mr. M.E.J. de Hart.
1Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst naar de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Tilburg, van 9 juli 2014.
2Het geding in hoger beroep
2.1
Bij beroepschrift met producties, ingekomen ter griffie op 26 september 2014, heeft appellant verzocht voormeld te vernietigen en – zakelijk weergegeven – te bepalen dat de overdracht van het aandeel in de eigendom van de onroerende zaak aan [adres] te [plaats] aan broer en zus [geïntimeerden] enkel zal plaatsvinden met het recht van vruchtgebruik, voorts aan [appellant] toe te kennen de bevoegdheid tot vervreemding en vertering van het aan broer en zus [geïntimeerden] over te dragen aandeel in de woning en broer en zus [geïntimeerden] te veroordelen in de kosten van beide instanties. Broer en zus [geïntimeerden] hebben op 13 november 2014 een verweerschrift ingediend, waarin het door [appellant] aangevoerde is bestreden.
2.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 26 november 2014. Bij die gelegenheid is [appellant] gehoord, bijgestaan door mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren. Tevens is gehoord [geïntimeerde 1], bijgestaan door mr. De Hart. [geïntimeerde 2] is niet verschenen.
Nadat het hof [appellant] erop heeft gewezen dat ingevolge artikel 676a aanhef en sub a Rv geen hoger beroep openstaat ter zake door de kantonrechter gegeven beschikkingen ingevolge artikel 4:25 lid 4 BW, nu krachtens bedoelde aanhef geen andere voorziening dan cassatie in belang der wet openstaat, zijn [appellant] en mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren in de gelegenheid gesteld te overleggen. Na hervatting van de mondelinge behandeling heeft mr. V.F. van Nielen-Westerouen van Meeteren verklaard dat het hoger beroep van [appellant] wordt ingetrokken.
3De beoordeling
Het hof begrijpt uit genoemde mededeling ter zitting in hoger beroep dat [appellant] zijn grieven tegen de beschikking waarvan beroep niet langer handhaaft. Dit brengt mee dat het verzoek in hoger beroep dient te worden afgewezen.
4De uitspraak
Het hof:
wijst af het verzoek in hoger beroep tegen voormeld vonnis.
Deze beschikking is gegeven door mrs. R.R.M. de Moor, A.P. Zweers - van Vollenhoven en J.J. Minnaar en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2014.