Rechtbank Overijssel 23 oktober 2025 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 23 oktober 2025 Hoge Raad 10 oktober 2025 Hoge Raad 26 september 2025 Rechtbank Midden-Nederland 24 september 2025 Bekijk alles
ECLI:NL:HR:2025:1541 Hoge Raad 10 oktober 2025

ECLI:NL:HR:2025:1541

Rechtbank:Hoge Raad

Datum: 10-10-2025

Onderwerp: Voldragen G-grond?

Overige onderwerpen: Hoge Raad 10 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1541Kan sprake zijn van een voldragen g-grond als de werkgever de verstoring in overwegende mate heeft veroorzaakt? →ServiceNow uitspraak uit 2018, Wat gaan we vandaag bespreken?

Rechtsgebiedenregister: Arbeidsrecht

Vindplaats: Avdr.nl


Inhoudsindicatie:

Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding, art. 7:669 lid 1 BW en art. 7:669 lid 3 onder g BW; verwijtbaarheid. Billijke vergoeding, art. 7:671b lid 9 onder c BW; causaal verband, uitleg gedingstukken, motivering.


Uitspraak:

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 24/04663

Datum 10 oktober 2025

BESCHIKKING

In de zaak van

[werkneemster],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: Werkneemster,
advocaat: S.F. Sagel,

tegen

STICHTING ALBERT SCHWEITZER ZIEKENHUIS,
gevestigd te Dordrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: ASz,
advocaat: M.A.J.G. Janssen.

1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak 10091140 HA VERZ 22-74 van de rechtbank Rotterdam van 16 december 2022;
b. de beschikking in de zaak 200.324.481/01 van het gerechtshof Den Haag van 1 oktober 2024.
Werkneemster heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
ASz heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [werkneemster] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [werkneemster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ASz begroot op € 873,-- aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [werkneemster] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Deze beschikking is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 10 oktober 2025.

Spreker(s)

mr. Erika Wies

legal counsel, arbeidsjurist Erasmus Universiteit Rotterdam