Hoge Raad 11 december 2020

ECLI:NL:HR:2020:2009

Datum: 11-12-2020

Onderwerp(en): Subjectieve cumulatie

Rechtsgebiedenregister: Verbintenissenrecht, Cassatie, Burgerlijk procesrecht

Procesrecht. In appel is de dochtervennootschap in plaats van de moedervennootschap als geïntimeerde aangeduid. Appellante verzoekt rectificatie. Moedervennootschap is op bevel van hof opgeroepen en heeft zich over rectificatie uitgelaten. Hof verklaart appellante niet-ontvankelijk. Klachten over afwijzing van het rectificatieverzoek door het hof.

Spreker(s)

mr.-M.E.-Bruning-image.jpg
mr. Menno Bruning

Lawyers' Specialist (L'S Cassatie), advocaat bij de Hoge Raaden raadsheer-plaatsvervanger

Bekijk profiel
mr-v2.-D.-Rijpma-image.jpg
mr. Derk Rijpma

Rijpma Cassatie & Litigation, advocaat bij de Hoge Raad

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: