Rechtbank Den Haag 11 februari 2026 Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2026 Hoge Raad 30 januari 2026 Hoge Raad 30 januari 2026 Rechtbank Den Haag 28 januari 2026 Bekijk alles
ECLI:NL:HR:2018:1175 Hoge Raad 13 juli 2018

ECLI:NL:HR:2018:1175

Rechtbank:Hoge Raad

Datum: 13-07-2018

Onderwerp: Opheffing beslag ex art. 705 Rv

Rechtsgebiedenregister: Burgerlijk procesrecht

Vindplaats: Extern


Inhoudsindicatie:

Art. 81 lid 1 RO. Mededingingsrecht. Art. 6 lid 1 Mw. Besluiten ondernemersvereniging (levensmiddelenbranche) nietig wegens mededingingsbeperkende strekking? Code en campagne ten behoeve van leeftijdscontrole ter uitvoering wettelijk verbod op verkoop van tabak en alcohol aan jongeren. Leverancier van systeem voor leeftijdscontrole op afstand daardoor benadeeld?


Uitspraak:

13 juli 2018
Eerste Kamer
17/03181
LZ/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

HOLLANDSCHE EXPLOITATIE MAATSCHAPPIJ B.V.,gevestigd te Etten-Leur,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. van der Beek,

t e g e n

de vereniging CENTRAAL BUREAU LEVENSMIDDELENHANDEL,gevestigd te Leidschendam,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. R.P.J.L. Tjittes.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als HEM en CBL.

1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/487382/HA ZA 15-499 van de rechtbank Den Haag van 22 juli 2015 en 9 maart 2016;
b. het arrest in de zaak 200.193.392/01 van het gerechtshof Den Haag van 4 april 2017.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft HEM beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
CBL heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor CBL mede door mr. J.L. Luiten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van HEM heeft op 8 juni 2018 schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt HEM in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van CBL begroot op € 854,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 13 juli 2018.