Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 12 maart 2024 Hoge Raad 5 maart 2024 Hoge Raad 5 maart 2024 Bekijk alles
ECLI:NL:HR:2020:637 Hoge Raad 14 april 2020

ECLI:NL:HR:2020:637

Datum: 14-04-2020

Onderwerp: Bewijs tijdens het o.t.t.

Overige onderwerpen: Schennis, Unus testis

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Vindplaats: Avdr.nl

Schennis van de eerbaarheid door op straat geslachtsdeel te tonen aan voorbijganger, art. 239.1 Sr. Unus testis, art. 342.2 Sv. Vindt verklaring aangeefster voldoende steun in aanwezigheid verdachte vlakbij (beweerde) plaats delict kort na voorval en omstandigheid dat aangeefster kort na voorval heeft gebeld met politie en haar echtgenoot? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BM2452 m.b.t. bewijsminimum van art. 342.2 Sv. ‘s Hofs oordeel dat bewijs dat verdachte het tlgd. heeft begaan niet alleen kan worden aangenomen o.g.v. hetgeen aangeefster heeft verklaard maar dat door haar vermelde f&o voldoende steun vinden in nader aangeduid ander bewijsmateriaal, is niet z.m. begrijpelijk. Voor dergelijke steun volstaan immers niet de door hof in dit verband in aanmerking genomen aanwezigheid van verdachte in de nabijheid van beweerde plaats delict kort nadat tlgd. voorval zich had voorgedaan, terwijl dat niet anders wordt door enkele omstandigheid dat aangeefster kort na tlgd. voorval telefonisch contact heeft gezocht met politie en met haar echtgenoot. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing. CAG: anders.

Ga naar uitspraak
Spreker(s)

mr. Rob ter Haar

plaatsvervangend rechter Rechtbank Overijssel docent Universiteit Utrecht