Hoge Raad 16 juni 2020

ECLI:NL:HR:2020:942

Datum: 16-06-2020

Onderwerp(en): Voorbedachte raad | zware mishandeling door slaan met boksbeugel

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Webinars over deze uitspraak

Poging tot zware mishandeling met voorbedachte raad door samen met ander in auto naar woning van aangever te rijden, die woning binnen te stormen en aangever met boksbeugel tegen zijn gezicht te slaan, art. 303.1 Sr. Bewezenverklaring voorbedachte raad toereikend gemotiveerd? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:963 m.b.t. voorbedachte raad en motiveringsplicht rechter. Hof heeft zijn oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld in de kern hierop gebaseerd dat verdachte “terwijl hij naar de woning liep een boksbeugel en handschoenen aandeed en zich daarmee voorbereidde op het plegen van geweld tegen aangever” en dat verdachte daarbij voldoende tijd had zich te beraden op het te nemen of genomen besluit. Gelet op wat is vooropgesteld en in het licht van door hof vastgestelde f&o, is dat oordeel ontoereikend gemotiveerd, nu hof niets heeft vastgesteld over tijdsverloop dat met een en ander gemoeid is geweest en geen overweging heeft gewijd aan antwoord op vraag of het redelijk is aan te nemen dat verdachte daadwerkelijk heeft nagedacht over betekenis en gevolgen van zijn voorgenomen daad, terwijl medeverdachte, die samen met verdachte naar woning van aangever was gegaan, ervan “stond te kijken” dat verdachte “in één keer” aangever sloeg met boksbeugel. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing.

Spreker(s)

mr. R. ter Haar

docent aan de Universiteit Utrecht en verbonden als buitenpromovendus aan de VU, rechter-plaatsvervanger bij de rechtbank Overijssel

Bekijk profiel