Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW), terwijl de mogelijkheid bestaat dat de vereffening in faillissement wordt heropend (art. 194 Fw). Geldt gedurende de periode dat de rechtspersoon is opgehouden te bestaan, voor de verjaring een verlengingsgrond als bedoeld in art. 3:320 BW?

Spreker(s)

mr.-Toine-de-Bie.jpg
mr. Toine de Bie

senior raadsheer Gerechtshof Amsterdam, docent Universiteit van Amsterdam

Bekijk profiel
mr.-ROUNDEL.jpg
mr. Wouter Jongepier

advocaat New Amsterdam Legal

Bekijk profiel
mr-v2.-ROUNDEL.jpg
mr. dr. Luuk Reurich

raadsheer plaatsvervanger Gerechtshof Den Haag, rechter plaatsvervanger Rechtbank Noord-Holland

Bekijk profiel
Prof.-mr.-dr.-Manuel-Lokin_IMG_5702.jpg
prof. mr. dr. Manuel Lokin

advocaat Stibbe, hoogleraar Universiteit Utrecht

Bekijk profiel