Hoge Raad 18 juni 2019

ECLI:NL:HR:2019:967

Datum: 18-06-2019

Onderwerp(en): Zwijgrecht en procesopstelling | medeplegen door Hagenezen in Friesland; ‘bullshitverklaring’

In vereniging plegen van twee diefstallen. Bewezenverklaarde medeplegen toereikend gemotiveerd? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:1315, ECLI:NL:HR:2016:1323 en ECLI:NL:HR:2016:1319. Het oordeel van het Hof dat de in aanmerking genomen f&o in onderling verband en samenhang voldoende zijn om te kunnen spreken van een voor medeplegen vereiste bewuste en nauwe samenwerking van verdachte met zijn mededaders, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Daarbij wordt mede in aanmerking genomen dat het Hof, dat is uitgegaan van een vooraf voor alle deelnemers duidelijk plan om inbraken te gaan plegen, heeft vastgesteld dat verdachte met dat doel een auto heeft geleend en tezamen met drie medeverdachten in die auto vanuit Den Haag naar Friesland is gereden, dat zij telkens in elkaars gezelschap hebben verkeerd en dat verdachte na de gepleegde inbraken tezamen met de drie medeverdachten in de auto, met daarin de buit van beide inbraken en inbrekerswerktuig dat bij één van de inbraken is gebruikt, is teruggereden naar Den Haag, en dat het Hof kennelijk in zijn oordeel heeft betrokken dat namens verdachte geen contra-indicaties m.b.t. het medeplegen zijn aangevoerd. Volgt verwerping. CAG: anders. Samenhang met 17/03840 en 18/03746.

Spreker(s)

mr-v2.-W.J.-Ausma-image.jpg
mr. W.J. Ausma

advocaat Ausma De Jong advocaten

Bekijk profiel
mr.-G.H.-Meijer-image.jpg
mr. G.H. Meijer

senior rechter Rechtbank Overijssel, auteur, docent en theatermaker

Bekijk profiel