Hoge Raad 19 juli 2019

ECLI:NL:HR:2019:1223

Datum: 19-07-2019

Uitspraak naam: Mothers of Srebrenica

Onderwerp(en): Kansschade

Rechtsgebiedenregister: Verbintenissenrecht, Transport- en handelsrecht, Verzekeringsrecht, Vastgoedrecht

Mothers of Srebrenica. Overheidsaansprakelijkheid. Internationaal publiekrecht. Gevolgen van ter beschikking stelling Nederlandse militairen aan VN voor aansprakelijkheid Staat; art. 8 DARS; HR 6 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ9225 en BZ9228. Overdracht van ‘command and control’ over Dutchbat aan VN; ‘effective control’; handelen 'ultra vires'. Genocideverdrag; rechtstreekse werking? Onrechtmatige overheidsdaad; maatstaf; EHRM 20 december 2011, nr. 18299/03 (Finogenov e.a./Rusland). Recht op leven en verbod op onmenselijke behandeling (art. 2 en 3 EVRM); zorgvuldigheidsnorm van art. 6:162 BW. Wetenschap Dutchbat van ernstig risico voor mannelijke vluchtelingen; redelijkerwijs te vergen maatregelen om dat risico te vermijden. Heeft Staat onrechtmatig gehandeld door bij evacuatie op 13 juli 1995 de afscheiding door Bosnische Serven van de mannelijke vluchtelingen te vergemakkelijken? Was het onrechtmatig om de 350 mannelijke vluchtelingen die op de compound verbleven niet de keuze te bieden om voorlopig daar te blijven? Was er een reële kans dat deze mannelijke vluchtelingen, als hen die keuze was geboden, uit handen van de Bosnische Serven waren gebleven? Hoge Raad doet zelf de zaak af.

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: