ECLI:NL:HR:2018:645
Rechtbank:Hoge Raad
Datum: 20-04-2018
Onderwerp: Goglio / SMQ
Overige onderwerpen: ECLI:NL:HR:2018:141 Goglio / SMQ, Gebruik opzeggingsbevoegdheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?, Goglio / SMQ, HR 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:141
Goglio - SMQ
Hoge Raad (vervolg):, HR 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:141 Aanvulling wettelijke of contractuele regeling?Hoge Raad (vervolg):, “Schade”vergoeding naast opzegging
Rechtsgebiedenregister: Sociaal-zekerheidsrecht, Verbintenissenrecht, Transport- en handelsrecht, Verzekeringsrecht, Vastgoedrecht
Vindplaats: Avdr.nl
Inhoudsindicatie:
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Opzegging kredietovereenkomst door bank. Toerekenbare tekortkoming, onrechtmatig handelen? Gebruik opzeggingsbevoegdheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?
Uitspraak:
20 april 2018
Eerste Kamer
17/01407
LZ/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [eiseres 1],wonende te [woonplaats],
2. ATROPA BELLADONNA B.V.,gevestigd te Assen,
EISERESSEN tot cassatie,
advocaten: mr. A.E.H. van der Voort Maarschalk en mr. D.A. van der Kooij,
t e g e n
ABN AMRO BANK N.V.,gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] c.s. en de bank.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/13/531899/HA ZA 12-1486 van de rechtbank Amsterdam van 26 juni 2013, 4 september 2013 en 28 januari 2015;
b. het arrest in de zaak 200.172.631/01 van het gerechtshof Amsterdam van 20 december 2016.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [eiseres] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De bank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor de bank mede door mr. B.F.L.M. Schim.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van [eiseres] c.s. hebben bij brief van 16 maart 2018 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de bank begroot op € 854,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 20 april 2018.