OM-cassatie. Poging tot doodslag, ontslag van alle rechtsvervolging. Noodweerexces. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2016:456 m.b.t. “onmiddellijk gevolg”. ’s Hofs oordeel dat de door de aanval van X veroorzaakte gemoedsbeweging van doorslaggevend belang is geweest voor de aan verdachte verweten gedraging is onjuist noch onbegrijpelijk. De omstandigheid dat het Hof bij zijn oordeel - naast de verklaring van verdachte zelf - ook heeft betrokken een rapportage en verklaring van een GZ-deskundige die o.m. inhouden dat bij verdachte sprake was van PTSS doet daar niet aan af, nu uit het voorgaande immers voortvloeit dat het Hof kennelijk heeft geoordeeld dat die PTSS weliswaar een factor is geweest die mede heeft bijgedragen aan het ontstaan van die hevige gemoedsbeweging, doch dat de hevige gemoedsbeweging niet in essentie op die omstandigheid terug te voeren valt.

Spreker(s)

mr.-Rob-ter-Haar.jpg
mr. Rob Ter Haar

plaatsvervangend rechter Rechtbank Overijssel, docent Universiteit Utrecht

Bekijk profiel
mr.-Gerlof-Meijer.jpg
mr. Gerlof Meijer

senior rechter Rechtbank Overijssel, auteur, docent en theatermaker

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: