Hoge Raad 5 juli 2011

ECLI:NL:HR:2011:BQ6140

Datum: 05-07-2011

Onderwerp(en): Voorwaardelijk opzet

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Voorwaardelijk opzet invoer cocaïne. Het Hof heeft als zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat verdachte, door ieder onderzoek naar zijn koffer achterwege te laten, bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zich in die koffer cocaïne zou bevinden. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk en is toereikend gemotiveerd, in aanmerking genomen dat het Hof heeft vastgesteld dat verdachte kort voor zijn vertrek van Suriname naar Nederland zijn koffer gedurende enkele uren heeft afgestaan aan een man die hij slechts uiterst oppervlakkig kende, dat verdachte ervan op de hoogte was dat verdovende middelen vanuit Suriname naar Nederland per vliegtuig plegen te worden gesmokkeld, en dat zich direct onder de binnenvoering van verdachtes koffer drie pakketten met een totaalgewicht van ruim 2 kilo bevonden die bij vluchtig onderzoek van de koffer ontdekt hadden kunnen worden.

Spreker(s)

mr.-Rob-ter-Haar.jpg
mr. Rob Ter Haar

plaatsvervangend rechter Rechtbank Overijssel, docent Universiteit Utrecht

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: