ECLI:NL:HR:2019:1819

Rechtbank:Hoge Raad

Datum: 05-11-2019

Onderwerp: Geweld als bedoeld in art. 141 Sr

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Vindplaats: Extern


Inhoudsindicatie:

Openlijke geweldpleging door samen met zijn zoon en zwager minderjarige scholier n.a.v. eerdere ruzie met zoon in schoolgebouw te schoppen en te slaan, art. 141 Sr. Levert geweldpleging in school ”openlijk” geweld op? HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: Hof heeft vastgesteld dat geweld tegen persoon zoals vermeld in bewezenverklaring heeft plaatsgevonden in schoolgebouw. ’s Hofs kennelijk op deze vaststelling gebaseerde oordeel dat sprake is van “openlijk” geweld in de zin van art. 141 Sr, is gelet op ECLI:NL:HR:2018:20 niet toereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging en terugwijzing.


Uitspraak:

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/00102

Datum 5 november 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 29 december 2017, nummer 21/002846-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,
hierna: de verdachte.

1Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.J. Bussink, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2Beoordeling van het middel

2.1.
Het middel klaagt dat het oordeel van het Hof dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan openlijke geweldpleging getuigt van een onjuiste rechtsopvatting over het bestanddeel ‘openlijk’, dan wel dat de bewezenverklaring daarvan ontoereikend is gemotiveerd.

2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de plaatsvervangend Advocaat-Generaal is het middel terecht voorgesteld.

3Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de bestreden uitspraak;
- wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem,
opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 november 2019.