Hoge Raad 8 juli 2008

ECLI:NL:HR:2008:BC5973

Datum: 08-07-2008

Onderwerp(en): Voorbereidend onderzoek

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Detentieomstandigheden Thailand. Het Hof heeft allereerst geoordeeld dat het gedane verzoek tot uitlevering niet tot het voorbereidend onderzoek a.b.i. art. 359a Sv kan worden gerekend. Dat oordeel is juist. Het gaat hier immers niet om de uitoefening van een strafvorderlijke bevoegdheid. Vervolgens heeft het Hof onderzocht of niettemin, dus buiten het verband van die bepaling, het gedane verzoek tot uitlevering, alle omstandigheden in aanmerking genomen, meebrengt dat aan verdachte een eerlijk proces is onthouden en dat dit aan het OM valt toe te rekenen. Het Hof is tot de slotsom gekomen dat daarvan geen sprake is en dat daarom geen plaats is voor n-o van het OM in de vervolging. Wel heeft het aanleiding gezien de omstandigheden waaronder verdachte in Thailand in de uitleveringsdetentie heeft doorgebracht te verdisconteren in de strafmaat. E.e.a. is onjuist noch onbegrijpelijk.

Spreker(s)

mr.-Gerlof-Meijer.jpg
mr. Gerlof Meijer

senior rechter Rechtbank Overijssel, auteur, docent en theatermaker

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: