Hoge Raad 9 oktober 2009

ECLI:NL:HR:2009:BI7129

Datum: 09-10-2009

Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder. Ontbreken uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit. Ook als de bestuurder tevens enig aandeelhouder is, is een uitdrukkelijk besluit van de aandeelhouders vereist. In bijzondere omstandigheden is de bestuurder, ofschoon een formeel aandeelhoudersbesluit van die strekking ontbreekt, toch bevoegd de vennootschap bij tegenstrijdig belang te vertegenwoordigen. Daarvan zal sprake kunnen zijn als onmiskenbaar duidelijk is dat de aandeelhouders de mogelijkheid van het bestaan van tegenstrijdig belang onder ogen hebben gezien en tevoren ondubbelzinnig hebben ingestemd met het optreden van de betrokken bestuurder als vertegenwoordiger.

Up-to-date blijven over Hoge Raad 9 oktober 2009

AvdR-TV (1)

thumbnail podcast-label-yellow Created with Sketch.

Spreker(s)