Rechtbank Zeeland-West-Brabant 30 januari 2020

ECLI:NL:RBZWB:2020:404

Datum: 30-01-2020

Onderwerp(en): Schenking en huwelijksgemeenschap: civiel en fiscaal

Rechtsgebiedenregister: Erfrecht

Erfbelasting; artikel 12 van de Successiewet 1956.

Belanghebbenden hebben een schenking van hun vader ontvangen. Hun moeder is vervolgens binnen 180 dagen overleden. Vader en moeder waren in algehele gemeenschap van goederen gehuwd. De inspecteur heeft de giften voor de helft tot de nalatenschap van moeder gerekend.

Belanghebbenden stellen dat geen sprake is van giften van moeder omdat de bevoordelingsbedoeling bij moeder ontbrak.

De rechtbank oordeelt dat gedurende het bestaan van de huwelijkse gemeenschap geen verdeling van het vermogen mogelijk is en dus geen sprake is van enig privévermogen van vader. Vader heeft dan namens de huwelijksgemeenschap gehandeld. Vaders bevoordelingsbedoeling wordt daarmee ook bij moeder geacht aanwezig te zijn. Het gelijk is aan de inspecteur.

Spreker(s)

prof-v2.-dr.-F.W.J.M.-Schols-image.jpg
prof. dr. Freek Schols

hoogleraar Radboud Universiteit Nijmegen

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: