Raad van State 24 juni 2020

ECLI:NL:RVS:2020:1499

Datum: 24-06-2020

Onderwerp(en): Geloofwaardigheidsbeoordeling

Rechtsgebiedenregister: Vreemdelingenrecht

Bij besluit van 14 november 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. De vreemdeling, afkomstig uit Iran, heeft aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij vreest voor vervolging door de Iraanse autoriteiten vanwege rapteksten en poëzie die hij heeft geschreven waarin hij kritisch is op de islam en het Iraanse regime. Volgens de vreemdeling zouden de autoriteiten in 2018 een inval hebben gedaan in zijn ouderlijk huis en daarbij zijn laptop en al zijn teksten in beslag hebben genomen. Deze uitspraak gaat over de vraag of de rechtbank het standpunt van de staatssecretaris over de geloofwaardigheid van dit asielrelaas op de juiste wijze heeft getoetst en of de staatssecretaris het asielrelaas overeenkomstig zijn eigen beleid in de Vc 2000 en Werkinstructie 2014/10 heeft onderzocht en beoordeeld.

Spreker(s)

mr.-M.-van-Eik_IMG_5668.jpg
mr. Marieke van Eik

advocaat Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers

Bekijk profiel
mr.-W.-Eikelboom_IMG_5663.jpg
mr. Wil Eikelboom

advocaat Prakken d’Oliveira Human Rights Lawyers

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: