Raad van State 7 april 2020

ECLI:NL:RVS:2020:991

Datum: 07-04-2020

Onderwerp(en): Bewaring in tijden van Corona

Rechtsgebiedenregister: Vreemdelingenrecht, Bestuursrecht

Bij besluit van 6 maart 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De vreemdeling is in bewaring gesteld met het oog op een uitzetting naar Marokko, omdat hij geen rechtmatig verblijf heeft. Hij heeft hiertegen beroep ingesteld en de rechtbank zou dit beroep op 18 maart 2020 op zitting behandelen. Alleen door de uitbraak van het coronavirus is deze zitting niet doorgegaan. De rechtbank heeft namelijk besloten vanaf 17 maart 2020 haar gebouwen te sluiten om te voldoen aan de maatregelen van de overheid om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. De rechtbank heeft de zaak vervolgens schriftelijk afgedaan zonder de vreemdeling te horen. Deze uitspraak gaat over de vraag of het recht van de vreemdeling om te worden gehoord daarmee is geschonden.