Rechtbank Noord-Holland 11 december 2014

ECLI:NL:RBNHO:2014:11758

Datum: 11-12-2014

Onderwerp(en): Artikel 7:230a BW

Rechtsgebiedenregister: Huurrecht

Vordering van de Gemeente Zaanstad tot ontruiming van de door gedaagde in gebruik zijnde opstal en grond (kantine, kleedkamers en twee sportvelden). De voorzieningenrechter overweegt dat de gehuurde opstal voldoet aan het criterium van artikel 7:230a lid 1 BW. Zoals hiervoor is geoordeeld ligt het zwaartepunt van het gehuurde op de huur van de opstal, zodat de overeenkomst in zijn geheel wordt beheerst door artikel 7:230a BW. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het beroep op rechtsverwerking slaagt hetgeen tot de conclusie leidt dat gedaagde zich niet op artikel 7:230a, lid 1 BW kan beroepen. Nu de door de Gemeente aangezegde einddatum van de huur reeds is verstreken, stelt de Gemeente zich terecht op het standpunt dat gedaagde zonder recht of titel in/op het gehuurde verblijft. De vordering tot ontruiming ligt dan ook voor toewijzing gereed. Afweging van de wederzijdse belangen leidt echter tot toewijzing van de vordering op een andere termijn dan door de Gemeente gevorderd, namelijk vier maanden in plaats van twee weken. Deze termijn kan gedaagde, die naar eigen zeggen nu in haar laagseizoen zit, benutten om een alternatieve bedrijfslocatie te vinden.

Spreker(s)

mr.-H.J.-Heynen-image.jpg
mr. Harm Heynen

advocaat Boels Zanders Advocaten

Bekijk profiel
mr-v2.-J.-van-Strijen-image.jpg
mr. J. van Strijen

advocaat HabrakenRutten Advocaten

Bekijk profiel

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: