Rechtbank Rotterdam 21 mei 2019

ECLI:NL:RBROT:2019:4656

Datum: 21-05-2019

Onderwerp(en): Rechtbank Rotterdam 21 mei 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:4656Partijen hebben GOG over beide KK (geb. in 2015 en 2017). Zij zijn in scheiding. Ouderschapsplan lukt niet. OTS sinds 16 oktober 2018. De GI gaf op 5 april 2019 een schriftelijke aanwijzing vastst

Rechtsgebiedenregister: Personen- en familierecht, Jeugdrecht civiel

Uit de uitspraak van de Hoge Raad van 14 december 2018 (ECLI:NL:HR:2018:2321) volgt dat de GI niet langer aan de algemene aanwijzingsbevoegdheid van artikel 1:263 Burgerlijk Wetboek (BW) de bevoegdheid kan ontlenen tot het geven van contact beperkende aanwijzingen. Buiten het geval van uithuisplaatsing, waarvoor art. 1:265f BW een bijzondere regeling bevat, dient de GI zich dus steeds op de voet van art. 1:265g BW tot de kinderrechter te wenden wanneer zij voor de duur van de ondertoezichtstelling contact beperkende maatregelen in het belang van de minderjarige noodzakelijk acht. De GI was dus niet bevoegd een contact beperkende aanwijzing te geven aan de vrouw. De rechtbank verklaart de aanwijzing alleen al om die reden geheel vervallen.

Spreker(s)

Paul-Vlaardingerbroek.jpg
prof. mr. Paul Vlaardingerbroek

raadsheer plaatsvervanger Gerechtshof Den Haag, Emeritus hoogleraar familie- en jeugdrecht Tilburg University

Bekijk profiel