Aansprakelijkheid bij autonome voertuigen

De wereld van technologie verandert snel en heeft een grote impact op hoe we ons dagelijks leven leiden en werk doen. Een opvallende ontwikkeling is de opkomst van krachtigere computers en autonome systemen. Deze technologische vooruitgang verandert de manier waarop beslissingen worden genomen, vooral in gebieden zoals autonome voertuigen en kunstmatige intelligentie. Hoewel deze vooruitgang veelbelovend is voor efficiëntie en veiligheid, roept het ook ingewikkelde vragen op over wie verantwoordelijk is als een autonoom systeem schade veroorzaakt.

In de toekomst zullen zelfrijdende auto's waarschijnlijk steeds vaker zonder menselijke besturing aan het verkeer deelnemen. Dit komt vooral omdat men denkt dat machines over het algemeen minder fouten maken dan mensen, wat de veiligheid op de weg zou verbeteren. Statistieken van het Europees Parlement laten zien dat maar liefst 95 procent van de verkeersongevallen in de Europese Unie wordt veroorzaakt door menselijke fouten. Met de opkomst van zelfrijdende auto's wordt verwacht dat het percentage ongevallen waarbij een menselijke bestuurder schuldig is, zal afnemen. Echter, het waarborgen van de veiligheid van zelfrijdende auto's blijkt een uitdaging te zijn. Hoewel de menselijke bestuurder minder vaak de schuld zal krijgen, betekent dit niet automatisch dat fouten van de machine niet zullen voorkomen. Deze veranderingen in voertuigautomatisering maken het daarom noodzakelijk om ons huidige systeem van aansprakelijkheidsrecht opnieuw te bekijken.

Het civiele verkeersaansprakelijkheidsrecht maakt een onderscheid tussen mensen die deelnemen aan het verkeer met gemotoriseerde voertuigen en degenen zonder motor, zoals voetgangers en fietsers. Artikel 185 van de Wegenverkeerswet beschermt vooral ongemotoriseerde deelnemers goed. Volgens dit artikel is de eigenaar of houder van het voertuig aansprakelijk voor de gevolgen van verkeersongevallen, tenzij er sprake is van overmacht. Deze regel geldt ook als het gaat om een zelfrijdende auto. Voor mensen die deelnemen aan het verkeer met gemotoriseerde voertuigen en slachtoffer worden van een verkeersongeval, wordt het juridisch ingewikkelder. Ze moeten zich meestal beroepen op specifieke wetsartikelen, zoals artikel 6:173 BW (aansprakelijkheid van de bezitter) of artikel 6:185 BW (producentaansprakelijkheid). De bewijslast ligt in principe bij het slachtoffer, maar de wetgever komt hen hierin wel enigszins tegemoet, vooral bij de risicoaansprakelijkheid van artikel 6:173 BW.

In de praktijk zijn er voorbeelden van ongevallen met zelfrijdende auto's. Op 18 maart 2018 was er een incident in Tempe, Arizona, waarbij een zelfrijdende Volvo XC90, getest door Uber, betrokken was bij een dodelijk ongeval. Op het moment van het ongeluk reed de auto autonoom en had het een bestuurder aan boord, maar die bestuurder keek niet naar de weg toen het ongeval plaatsvond. De auto raakte een voetganger die de straat overstak met een fiets buiten het zebrapad. Dit specifieke incident resulteerde in een schikking tussen Uber en de familie van het slachtoffer. Het benadrukte echter wel het belang van het herzien van wetten en voorschriften met betrekking tot autonome voertuigen om de aansprakelijkheid in toekomstige gevallen beter te definiëren.

Samengevat brengen de snelle ontwikkelingen in de technologiewereld, vooral met krachtige computers en autonome systemen, vragen met zich mee over aansprakelijkheid. Traditioneel gezien was aansprakelijkheid gebaseerd op menselijk handelen of nalaten, maar met autonome systemen wordt het steeds minder duidelijk wie er verantwoordelijk is als er schade ontstaat. Zelfrijdende auto's zijn een voorbeeld waarbij de verantwoordelijkheid verschuift. Het waarborgen van de veiligheid van deze auto's is een uitdaging, en het huidige aansprakelijkheidsrecht heeft moeite om hiermee om te gaan.