Rechtbank Rotterdam 16 januari 2020

ECLI:NL:RBROT:2020:2593

Datum: 16-01-2020

Onderwerp(en): Verhuiscriteria

Rechtsgebiedenregister: Jeugdrecht civiel

Vervangende toestemming verhuizing en inschrijving school; zorgregeling

De vrouw verzoekt vervangende toestemming om met de minderjarige te mogen verhuizen naar Antwerpen in België, en om de minderjarige aldaar in te schrijven op een school. De vrouw wil met de minderjarige gaan wonen bij haar nieuwe partner met wie ze ruim twee jaar een relatie heeft en die in Antwerpen woont en daar een eigen bedrijf heeft. De man verzoekt de vrouw te verbieden om te verhuizen. De rechtbank wijst de verzoeken van de vrouw toe en dat van de man af.

De vrouw heeft voldoende rekening gehouden met de belangen die tegenover haar belangen bij verhuizing staan. Naar het oordeel van de rechtbank wegen het belang van de minderjarige en dat van de man op een ongestoord en frequent contact met elkaar en met zijn familie onvoldoende op tegen het belang van de vrouw bij een verhuizing met de minderjarige naar Antwerpen. De vrouw heeft de verhuizing goed voorbereid: zij heeft daar gezorgd voor inkomen, ze heeft een netwerk van familie in de buurt, ze is met de minderjarige al diverse keren bij haar nieuwe partner en diens zoontje geweest en de minderjarige kan het goed met hen vinden. De vrouw heeft voor de minderjarige een geschikte school gevonden waar hij op korte termijn kan starten. Verder vindt de vrouw het belangrijk dat het contact tussen de man en de minderjarige in stand blijft. Zij heeft een contactregeling aangeboden waarbij de minderjarige elke maand drie weekenden of een deel daarvan bij de man is, en zij stemt in met wekelijks doordeweeks contact tussen de minderjarige en de man via Skype of Facetime. De rechtbank heeft de zorgregeling tussen de man en de minderjarige aldus vastgesteld.

Uitspraken met hetzelfde onderwerp: