ECLI:NL:HR:2018:1945

Datum: 16-10-2018

Onderwerp: Arbeid

Overige onderwerpen: Zeden

Rechtsgebiedenregister: Strafrecht

Vindplaats: Extern

OM-cassatie. Vrijspraak medeplegen mensenhandel m.b.t. misbruik in arbeidssituatie door uit China afkomstige man als kok werkzaamheden te laten verrichten in Chinees restaurant in Arnhem, art. 273f.1, art. 273f.4 en 273f.6 Sr. Onjuiste uitleg van het aan art. 273f.1 (oud) Sr ontleende bestanddeel “(oogmerk van) uitbuiting”? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BI7099 m.b.t. uitleg van bestanddeel “(oogmerk van) uitbuiting”. Het Hof heeft geoordeeld dat - mede gelet op de duur van de tewerkstelling en het voordeel dat verdachten, die t.t.v. de tewerkstelling van aangever A zijn salaris wel hebben betaald, hebben gehad - (het oogmerk van) uitbuiting van A niet bewezen kan worden geacht. Het Hof heeft daarbij mede acht geslagen op de beperkingen die de tewerkstelling voor A meebracht. Dit oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is, in het licht van de door het Hof vastgestelde f&o, niet onbegrijpelijk. Dat A de feitelijke beschikkingsmacht over zijn bankrekening waarop zijn salaris werd gestort werd onthouden en verdachten A uiteindelijk na de periode waarin hij werkzaam was bij restaurant van zijn salaris hebben bestolen, maakt - anders dan het middel kennelijk voorstaat - niet dat z.m. sprake is van 'het oogmerk van uitbuiting'. Volgt verwerping. Samenhang met 16/04661, 17/01888 en 17/01892.

Ga naar uitspraak