Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 4 november 2019

ECLI:NL:GHARL:2019:9541

Datum: 04-11-2019

Onderwerp(en): Wat wordt er verzocht?

Rechtsgebiedenregister: Sociaal-zekerheidsrecht, Burgerlijk procesrecht, Arbeidsrecht

Wetsartikelen: Art. 6:248 BW, Art. 6:23 BW

Arbeidszaak. Wwz. De samenwerking tussen partijen is volledig vastgelopen en daardoor duurzaam en ernstig ontwricht. Herplaatsing van de werknemer is onmogelijk gebleken. De arbeidsovereenkomst is terecht ontbonden door de kantonrechter. Voor een billijke vergoeding (artikel 7:671b lid 8 sub c BW) bestaat geen grond omdat geen sprake is van ernstige verwijtbaarheid aan de zijde van de werkgever. De kantonrechter had anders geoordeeld. Dat oordeel houdt in hoger beroep geen stand. In de omstandigheden van deze zaak is er geen ruimte voor beoordeling van een op de artikelen 6:23 BW en 6:248 BW gebaseerde schadevordering (Baiijngs).

Spreker(s)

prof.-dr.-mr.-Zef-Even.jpg
prof. dr. mr. Zef Even

advocaat SteensmaEven Advocaten

Bekijk profiel
Tijn-van-Osch.jpg
mr. Tijn van Osch

senior raadsheer gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, voorzitter raad van discipline

Bekijk profiel
mr-v2.-A.-Wit-image.jpg
mr. Arie Wit

juridisch adviseur Sociaalverzekeringsrecht De Geinbrug

Bekijk profiel